maandag 13 augustus 2012
Varend Corso meesterlijk mooi
Ook nu weer heb ik volop genoten van het Varend Corso Westland. Allemachtig wat is daar weer een staaltje vakmanschap getoond vorige week zaterdag in Westlands wateren. En natuurlijk ook een dag eerder op vrijdag tijdens de Rijnmonddag en ‘s zondags tijdens de Delflanddag. Na de officiële opening en eerste tocht werden in Maasland de prijzen uitgereikt aan de winnende boten. Welverdiend, maar wat zal dat moeilijk zijn voor een jury. Dat smaken verschillen, blijkt ook nu weer. Als ik namelijk naar het Varend Corso kijk, dan is er altijd wel een favoriete boot die ik de eerste prijs gun. Deze keer was het voor mij helemaal duidelijk: Vlaardingen met de brug en de stuntfietser die de hele tocht met fiets en al van plateau naar plateau sprong, die zou ik de hoofdprijs hebben gegeven.
Al was het maar, omdat ze de brug nagebouwd hadden die toegankelijkheid van gebieden vergroot. En als columniste van ‘Westland op z’n breedst’ ben ik dol op gebiedsuitbreidingen. Let wel: van het Westland natuurlijk en niet van steden die ons gebied menen te mogen claimen. Ik hou nu eenmaal van een lekker stukkie fietsen in de zomer en dan is Vlaardingen goed bereikbaar, dus een nieuwe brug over de Vlaardingse Vaart opent nieuwe perspectieven. De Vlaardingse boot viel echter niet in de prijzen. Jammer, maar helaas.
Na de eerste middag de opening te hebben bekeken, gunde het zonnetje ons ook op de tweede en derde dag een heerlijk middagje buiten langs het water. Daarom voor de verandering het corso maar eens van de Delftse kant bekeken. Op de fiets hoefden we alleen maar de enorme hoeveelheid mensen langs te fietsen om uiteindelijk de laatste corsoboot te bereiken. Nu was het een kwestie het corso in te halen. Dat viel zowaar nog niet mee, want het was geweldig druk. Uiteindelijk zagen we de contouren van Delft en daar vonden we een plekje in een park langs het water. Het was even zoeken naar een plekje dat vrij was van uitwerpselen, geproduceerd door de leden van de familie der Canis lupus familiaris (dat is Latijns voor hond, Delft is per slot een studentenstad), maar ook dat lukte. Ik zat tussen gezellig publiek. Over het algemeen ben ik niet de gangmaker van het feest, dus een groep mensen om me heen die klapt en zwaait, maakt het wel zo leuk.
Naast mij ving ik een conversatie op van een echtpaar op middelbare leeftijd. ‘Zohoo, dat is mooi,’ zei de man in zangerig Westlands. Kennelijk waren er meer streekgenoten de kant van Delft op gefietst. ‘Hep zo’n corso nou ook nog een thema?’ ‘Jawel’, antwoordde de vrouw, ‘”mooie meesters” heet het deze keer.’ Haar man: ‘Nou nou, jij hep je d’r in verdiept…’ Vrouw: ‘Ja dat stond in dat krantje dat we net kregen uitgereikt. Kijk, daar hebbie d’r al eentje: André Rieu!’ Enthousiast zwaaide ze naar de figurant die André Rieu uitbeeldde. ‘Da’s een mooie man en hij is ook nog een meester.’ Verbaasd keek de man haar aan: ‘Vind jij André Rieu mooi?!’ ‘Ikke wel’, antwoordde de vrouw, ‘kijk maar eens wat een prachtige haardos die man nog heeft na al die moeilijke tijden die hij heeft doorstaan.’ Vertwijfeld haalde de man zijn hand over zijn kalende hoofd. ‘Nou, ik vind ’t niet veel, die Rieu…’
Het stel keek zwijgend verder naar de pracht die voorbijtrok. Ineens veerde de man enthousiast op: ‘Kijk, dat vind ík nou mooi!’ Hij wees naar de boot van dorpskern Naaldwijk. Leuke blondgepruikte meiden dansten op de muziek van Nancy Sinatra die de wraakzuchtige tekst ‘These boots are made for walking’, and that’s just what they’ll do, one of these days these boots are gonna walk all over you’ zongen. Uitbundig zwaaide hij naar de meisjes die tersluiks tijdens hun dansje terugwuifden naar de man die meedeinde op de muziek. Zijn vrouw zweeg en bleef stil zitten. Tegen zoveel vrouwelijke power was ze kennelijk niet opgewassen.
Het corso trok rustig verder. Langs de waterkant werd lustig geklapt, gezongen en heerlijke hapjes en drankjes werden op picknicktafeltjes geserveerd. Drie kleutertjes stonden naast elkaar naar de boten te kijken. Ze vergaapten zich aan de boot van Pluk van de Pettenflat (dorpskern De Lier), de sprookjes van Grimm (Wateringen) en de Disney boot een product van dorpskern Schipluiden. Eén van hen ontdekte Goofy en zwaaide met zijn armpjes wild boven zijn hoofd. Goofy pikte het signaal van het drietal tijdig op en zwaaide terug, terwijl hij speelde alsof hij bijna in het water duikelde. Een gilletje ontsnapte aan de kinderen, die opgelucht herademden en giechelden toen Goofy net op tijd zijn evenwicht hervond. ‘Mama, gaan we morgen weer kijken?’ vroeg een meisje. Het Varend Corso Westland kan alvast rekenen op een stukje verjonging van hun publiek. Het was weer geweldig, meesterlijk mooi! Om met de slotboot te spreken: ‘We’ll meet again.’
Foto’s: Cent Wageveld
woensdag 1 augustus 2012
Varend Corso Westland
Varend Corso 1998 (Foto: Historisch Archief Westland)
Varend Corso 2011(Foto: Archief Tekst- bureau Westland)
>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>Kijkt u ook zo uit naar het Varend Corso Westland? Ik kan er nooit genoeg van krijgen! Ieder jaar weer laat ik me heerlijk verrassen door de nieuwste creatieve uitwerkingen van alweer een nieuw thema. Zittend in het gras aan de waterkant laat ik het allemaal rustig aan me voorbijtrekken. Het geeft me altijd een ultiem vakantiegevoel. Lekker op de fiets, als het weer meewerkt, en dan op een mooi plekkie neerstrijken. Watervogeltjes bekijken, pakje drinken erbij en de Corsokrant in handen om lekker te lezen voordat de eerste schuit arriveert. De prachtige kleurschakeringen van bloemen en groenten stralen altijd iets uit waar ik blij van word. En dat zal tijdens het derde lustrum dat het Corso op 3,4 en 5 augustus viert naar alle verwachting ook zo zijn.
>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>
Er is in al die tijd vanaf het eerste Varend Corso in 1998 heel wat veranderd. Dat is wel te zien aan een aantal foto’s die ik opvroeg bij het Historisch Archief Westland. In 1998 zagen de schuiten er al heel mooi uit en daarna ieder jaar weer mooier. U kunt zelf het verschil zien. Ontwikkelingen in technisch vernuft volgden elkaar op. De arrangementen werden steeds mooier en figuranten zorgden voor een professioneler uitstraling. Het lijkt soms wel een beetje op de opening van de Olympische Spelen. Ook die zien er iedere keer weer meer adembenemend uit. Heeft u gekeken? Koningin Elisabeth die uit een helikopter leek te springen. Rowan Atkinson die als Mister Bean een hilarische act opvoerde ondersteund door beelden die een hardloopwedstrijd uit het verleden weergaven. Overigens waren de beelden met the Queen al in april jl. opgenomen. Dat biedt toch wat meer perspectieven, dan waar het Varend Corso mee moet werken. Zij moeten in drie dagen alles laten zien wat ze in huis hebben en kunnen niet met opnamen uit april voor de dag komen. Hun waar is namelijk vers, dus bederfelijk, hun podium beperkt tot een schuit, hun act mag niet meer dan 50 seconden in beslag nemen. Ik geef het je te doen! Zo’n 60 boten met verschillende onderwerpen vallend binnen het thema ‘Meesterlijk Mooi’. Het kan bijna niet mooier worden dan vorig jaar, dus zal de variatie voor de verrassing moeten zorgen. Ik vind het razend knap, ja zelfs meesterlijk knap. Hier zijn zoveel mensen al lange tijd mee bezig. Wie een kijkje achter de schermen neemt, begrijpt dat het een prestatie van jewelste is. Daar mag ik graag naar kijken en ook graag over schrijven. Om met velen te spreken: ‘Hiermee zetten we Westland op de kaart.’ Overigens een term die te pas en te onpas gebruikt wordt door mensen die niet over de grenzen van het Westland heen komen met hun plannen, maar dit terzijde. Niet dat ik de illusie heb dat Groot Westland in het buitenland gelezen wordt, maar daar kunnen we natuurlijk wel aan werken. De website www.groot-westland.nl bevat immers de uitgave van deze krant en vorige edities. De geschreven teksten van ‘Westland op z’n breedst’ zijn dan ook na te lezen op mijn blog westlandinspireert.blogspot.nl. En omdat ik aan mijn statistieken kan zien dat deze voor een fors deel gelezen worden in het buitenland, is het natuurlijk aardig om het hier maar even te vermelden, als u begrijpt wat ik bedoel. Met een lezerspubliek in Nederland, de Verenigde Staten, Duitsland, Frankrijk, Rusland, België, Letland, Griekenland, het Verenigd Koninkrijk en België mag ik toch niet klagen over een gebrek aan aandacht. Voor een deel betreft dit emigranten die hun geboortestreek een warm hart blijven toedragen. Voor een deel is het mij onbekend waar de lezers vandaan komen. Maar mochten ze dit ook lezen en de Nederlandse taal machtig zijn; neem dan ook eens een kijkje op www.varendcorso.nl. Dan begrijpt u precies wat ik bedoel. De foto’s van het Varend Corso Westland geven een indruk van de pracht die het komend weekend aan ons voorbijtrekt. Pas wel op, want u zou er heimwee van kunnen krijgen. Niet doen, gewoon genieten van dit prachtige PR-middel van het Westland. Ennuh… niet vergeten om de links te delen met andere belangstellenden. Daar kunt u nu werkelijk het Westland mee op de kaart zetten!
donderdag 26 juli 2012
Westland op z'n breedst - Tour du Jour
Laat ik even één ding duidelijk maken: ik heb niets met wielrennen. Westlandse wielerrondes hebben me nooit kunnen bekoren, op de zijdelings aanwezige braderieën na. Ik kan nooit volgen wie nu op kop ligt, noch wie achterin rijdt. Ik heb er ook, ondanks vele pogingen van mijn echtgenoot mij op de hoogte te houden, nooit veel energie in gestoken. Beroepsmatig heb ik ooit Sebastian Langeveld gesproken. En ook Suzanne van Veen. Beiden geen onbekenden in het wielerwereldje. Nee, ik heb meer met mountainbiken en veldrijden. De uitmuntende prestaties van Honselersdijker Niels Wubben bij het veldrijden intrigeren mij en geheel België, maar daar schijnt de Nederlandse bevolking weer niet in geïnteresseerd te zijn. Ik ga ook geen kritiek uiten op de wielrennerij, want wie ben ik? Ik ben al blij als ik op een zomerse dag in het weekend de pedalen rondgetrapt krijg door de duinen van Hoek van Holland naar Monster. Genietend van het natuurschoon. Die herrieschoppende wielrenners die me met levensbedreigende manoeuvres inhalen neem ik voor lief, maar dat is de laatste tijd gelukkig in wat socialer vaarwater gekomen. Eigenlijk heb ik groot respect voor wielrenners, dat dan weer wel…
Ik vroeg me de laatste weken af, hoe het toch komt, dat ik niets heb met wielrennen. En ik kwam tot de volgende conclusie: door de valpartijen. Ik heb geen idee hoe u daar mee omgaat, maar mijn maag maakt altijd een misselijkmakende kronkel als ik wielrenners onderuit zie schuiven over het asfalt. Als kind ben ik ooit met mijn fiets gevallen op een tuinderspaadje, toen ik op mijn nieuwe fiets naar een schoolvriendinnetje reed. Haar vader was tuinder en zijn huis kon slechts bereikt worden via een mooi pad met zwart grind. Ik kon nog maar net mijn stuur een beetje recht houden en op dat grind maakte ik een uitglijder van jewelste. De pijn van de schaafwonden herinner ik me nog steeds. De liefdevol, door de moeder van mijn vriendinnetje verwijderde steentjes uit mijn benen, staan stuk voor stuk pijnlijk in mijn geheugen gegrift. Evenals de slapeloze nachten die daarop volgden, als ik me omdraaide in bed met mijn gewonde benen schurend langs de lakens. De stekende pijn als ik mijn been in beweging zette en de wondjes die net van een korstje waren voorzien, weer opentrok. Ik voel letterlijk mee met wat een vallende wielrenner moet voelen en wat hij de dagen daarna moet voelen. En dan heb ik het nog niet eens over de botbreuken die daarbij plaatsvinden.
Mijn man en kinderen weten precies waar het pijnpunt bij mij ligt. ‘Moeders, draai effe je kop om,’ en ‘Mot je niet effe naar de aarepolluh kijke’, zijn liefdevolle signalen van man en kids om mijn aandacht rond de uitzending van de Tour de France af te leiden van valpartijen op TV richting het aanrecht. Dit alles met het doel mijn kreten bij valpartijen te voorkomen, terwijl ik naar adem snakkend met mijn handen m’n ronddraaiende maag bedek. Valpartijen waar zij al van op de hoogte zijn, omdat ze eindeloos herhaald worden en die ik kennelijk bewust heb ontweken. Ik kan daar écht niet tegen en herinner me steeds weer de pijn van het geschaafde vel langs het grindpad…
Waarom ik het dan toch over de Tour du Jour wil hebben? Tja, er staat een tent vol techniek op het Naaldwijkse Wilhelminaplein. Ik snap niet dat inbrekers het op de plaatselijke Appelstraat hebben gemunt terwijl er zoveel te halen valt op dat plein. Een zendmast op het omstreden terrein op de hoek van de Koningstraat en Prins Hendrikstraat geeft plotseling nut aan dat lelijke braakliggende stukje ergernis. Iedere avond komt het centrum van Naaldwijk in beeld met die geweldig mooie, historische Oude Kerk op de achtergrond. Kijk, daar weet ik dus weer wel veel van af… Heerlijke gerechten met Westlandse producten worden geserveerd door charmante ronde missen. Het feit dat het Westland op de kaart wordt gezet met deze uitzendingen. Dat vind ik ontzettend leuk. Vanuit mijn woning is iedere avond om elf uur de kerkklok alleen te horen als de wind in de juiste richting staat, maar het mooie gebeier komt nu warempel via de televisie mijn huiskamer binnen. Nieuwsgierig kijk ik wie er in de uitzending worden opgehaald door Gert Jakobs om de hoek bij de kerk. Vol belangstelling zie ik hem op diverse locaties in het Westland en snel probeer ik te traceren waar hij nu weer is. En als het overzicht van de tent, de terrassen en de kerk in beeld komt, dan voel ik trots in me opwellen. Goedgevulde terrassen worden bevolkt door nieuwsgierige vakantiegangers die een kijkje komen nemen. In de tent fietsen wielrenners zich het ongans om de uitzending energieneutraal te laten plaatsvinden. Kijk, dáár ben ik nou enthousiast over. We hebben hier in het Westland tenslotte heel wat innovatieve projecten en duurzaamheid staat hoog in het vaandel. Dat past bij onze streek. En het zal u inmiddels duidelijk zijn hoe belangrijk ik dat vind, die energiefietsers blijven tenminste op het zadel zitten. Ik heb er tenminste nog niet één van zijn rollers zien losschieten en met een enorme vaart tegen de gevel van bijvoorbeeld het pannenkoekenrestaurant zien knallen om vervolgens, met gapende wonden aan beide benen, op de straat te vallen. Uit deze groepen komt uiteindelijk een winnaar: de equipe die de meeste stroom bij elkaar heeft weten te trappen. Want laten we wel wezen… Het gaat niet echt crescendo met Nederland sportland. Op het EK Voetbal was het niks, met de Tour de France is het niks en ik ben erg benieuwd of het straks met de Olympische Spelen nog wel wat zal gaan worden. Ons landje zal hard aan zijn imago moeten werken. Aan de Westlanders zal het niet liggen. © Tekstbureau Westland
zaterdag 14 juli 2012
Westland op z'n breedst - Wollebrandcross
Het is een bekend gegeven dat Westlanders graag bezig zijn. “Van werreke ga je niet dood” is een uitspraak die iedereen zal herkennen. Ook in hun vrije tijd of na hun pensionering mogen ze graag nog wat aanpakken voor een vereniging of goed doel. En ik hoor regelmatig van gepensioneerden dat ze het nog drukker hebben na hun pensionering dan in hun arbeidzame tijd. Uiteraard gebeurt dat allemaal belangeloos. Wie meent dat de mens in onze maatschappij te individualistisch bezig is, zou eens een weekje in onze streek moeten rondkijken bij al die leuke sportverenigingen, hobbyclubs en goede doelen waar wij ons voor inzetten. Ook in verzorgingshuizen lopen vrijwilligers koffie in te schenken en tuinen te onderhouden. Niemand die gezond van lijf en leden is, hoeft zich te vervelen. Helaas is gezondheid ons niet allemaal gegeven. Dat beseffen we maar al te goed. Ook voor diegenen die het minder goed treffen in dit leven zijn we bereid de schouders eronder te zetten. En al helemaal als het om kinderen gaat. Hoe zou het anders kunnen dat de Wollebrandcross dit jaar met 278.000 euro weer een record aan opbrengsten vestigde? ‘Een idioot hoog bedrag,’ vond voorzitter Ton Remmerswaal. ‘We streven niet naar records, maar naar het dienen van doelen voor kinderen.’ Het is aan hem de geworven gelden uit te reiken. Ton: ‘Ik voel me soms net een Westlandse Sinterklaas…’ Het is dan ook hartverwarmend om te zien met hoeveel enthousiasme er ieder jaar gewerkt wordt aan dit evenement, dat is uitgeroepen tot het leukste hardloop evenement in Zuid-Holland. Voor de deelnemers is het vaak een lolletje en een koud kunstje om te gaan hardlopen of wandelen. Of een gezellig ‘tussendoortje’ dat valt binnen het Lopersproject van Olympus ’70. Het Lopersproject levert toch wel de grootste groep deelnemers van de cross. Echter voor de cross plaatsvindt hebben zich al vele andere activiteiten ontsponnen met het doel zoveel mogelijk geld op te halen voor kinderen die het nodig hebben. Zowel de vrijwilligers als de doelgroep hebben vaak een aangrijpend verhaal te vertellen. Wie zich verdiept in de mens achter het goede doel, merkt al snel dat het persoonlijke verhaal je kan treffen als een kanonskogel… Remmerswaal verwoordde het als volgt: ‘De impact op een heel gezin als er een kind ziek wordt. Als je zo’n gezin bezoekt, dan voel je je een gezegend mens als je weer naar huis gaat.’
De afgelopen week was het moment aangebroken dat drie van de kleinere goede doelen van Stichting de Wollebrandcross hun gift kregen uitgereikt. In het fraaie gebouw van ”de” Priva, net zoals de Wollebrandcross een begrip in het Westland, werd belangeloos een zaaltje beschikbaar gesteld voor dit ontroerende gebeuren. Ontroerend? Ja, want zoals ik al zei, het persoonlijke verhaal achter de doelen laat je niet koud. Zo was daar als eerste de Stichting Jarikin die een cheque van 15.000 euro in ontvangst mocht nemen. Deze werd overhandigd aan Jan Prins, de oprichter van de stichting die zich inzet voor kinderen in Haïti. Prins, oud-directeur van de Priva, sponsort al 20 jaar projecten in Haïti. Ooit startte de ontwikkelingshulp via klanten in Amerika die een school hadden gebouwd in Haïti. Het moge bekend zijn dat dit een geweldig arm land is, dat ook nog eens door een aardbeving werd getroffen. De aardbeving heeft van vele wezen straatkinderen gemaakt die opgroeien tot boefjes. De klanten van Prins vroegen of hij een paar kinderen wilde sponsoren. ‘En zo begint het,’ aldus Prins. ‘In 2007 heb ik het land bezocht. We hebben toen meegewerkt aan het opzetten van een medische hulppost. Denk nu niet dat dat allemaal eenvoudig gaat, want zoals je met vele arme landen ziet: Haïti is niet gevrijwaard van enige corruptie. We verzekeren ons er ter plekke van dat alle giften aankomen waar we ze willen hebben. Er blijft niets aan de strijkstok hangen. In 2010 zijn we opnieuw alle projecten langsgegaan. We hebben 1,2 ha grond nodig voor de bouw van huizen waar kinderen worden opgevangen. We willen scholing en huizen voor straatkinderen. Deze cheque is het sluitstuk van onze wens. Ik heb al gezien dat er inmiddels geen 50, maar 100 boefjes die eerst als straatkinderen leefden, worden opgevoed tot goede mensen. We leren de mensen om zo goed mogelijk in hun eigen onderhoud te voorzien.’ Het behoeft geen uitleg dat Jan Prins bijzonder dankbaar was met deze mooie gift.
Het tweede goede doel dat een cheque kreeg overhandigd was de Stichting Haarwensen. Ook hier zitten vele ontroerende verhalen achter en daar bedoelen we niet alleen het afknippen van het haar van Leo Boekestijn mee, die genereus tijdens de Wollebrandcross zijn lange staart doneerde. Kunt u het zich voorstellen dat een kindje geen haar heeft door een ziekte? Ja? Is het eerste wat u denkt dan ook: ‘Ach, dat kindje heeft kanker.’ Dat kan, maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Per jaar verliezen niet alleen zo’n 400 tot 500 jonge kankerpatiëntjes hun haar door chemotherapie, maar ook veel kinderen met de haarziekte Alopecia worden met haaruitval geconfronteerd. Dat heeft een enorme impact op het leven van een kind. ‘Kinderen willen gewoon zijn en niet opvallen,’ vertelt de woordvoerster van de Stichting Haarwensen. Kaalheid grijpt enorm in op het sociale leven van een kind en een gezin. Het liefst willen kinderen hun gang kunnen gaan en niet de aandacht op zich gevestigd zien als patiënt. Een mooie pruik van echt haar zorgt ervoor dat zij zich weer kind kunnen voelen.’ De Stichting Haarwensen ontving 18.000 euro, méér dan men had verwacht. Met een blij gezicht vervolgde de woordvoerster: ‘Hier kunnen wel 12 kinderen mee geholpen worden! Dit is een fantastisch aandeel in dit werk.’ Het maken en onderhouden van een pruik kost in totaal 1.500 euro. De kinderen kunnen er ongeveer anderhalf jaar mee doen en hebben dan weer een nieuwe nodig. Kinderen groeien, de maat verandert en de pruik is aan slijtage onderhevig. Ook is hygiënisch onderhoud met regelmaat nodig. U begrijpt dat er dus veel haar en geld nodig is om hen te steunen.
Het derde goede doel was de Stichting Semmy. Deze Stichting maakt zich sterk voor het doen van onderzoek naar hersenstamkanker bij kinderen. In een aangrijpende toespraak van een moeder werd duidelijk waarom dit zo belangrijk is. ‘Jaarlijks worden 18 kinderen getroffen door deze dodelijke ziekte. Er is nog geen genezing mogelijk. De ziekte treft kinderen onder de 12 jaar en zij worden niet beter, de ziekte is niet te stabiliseren, binnen een paar maanden sterven zij. Gezien het relatief kleine aantal kinderen dat deze ziekte krijgt, is het moeilijk financieringsmogelijkheden te krijgen voor onderzoek. Deze stichting is opgericht door de ouders van Semmy. Semmy is inmiddels overleden en zijn vader heeft tot zijn nagedachtenis de stichting opgericht in een poging het VU AMC in Amsterdam over de streep te krijgen onderzoek te verrichten. Dat is gelukt en er zijn belangrijke vorderingen, maar nog niet voldoende om de ziekte af te remmen of te genezen. Zelf ben ik mijn 9-jarige dochtertje kwijtgeraakt aan hersenstamkanker. Ouders die te horen krijgen dat hun kind deze ziekte heeft en dat het dit niet gaat overleven, zijn radeloos. Ze raken binnen enkele maanden hun kind kwijt. Medici kunnen er niets mee, staan met hun rug tegen de muur, maar het is wel jóuw kind…’
Voor onderzoek is jaarlijks 250.000 euro nodig. Dit bedrag wordt door ouders bijeengebracht. Helaas wordt de groep ouders die meehelpen steeds groter. Voor de Stichting Semmy was een cheque van 25.000 euro uitgeschreven, die in grote dank werd aanvaard. Dit bedrag gaat volledig naar het AMC in de hoop dat er spoedig een oplossing komt voor deze kinderen en hun ouders en niet de boodschap ‘Het is voorbij…’
Later dit jaar ontvangen ook de drie andere goede doelen hun cheque van Stichting de Wollebrandcross: de Guusje Nederhorst Foundation, Hospice regio Westland en Stichting Wenzi. Wilt u meer weten over deze goede doelen en de bestemming van de Wollebrandcross
gelden? Kijk dan op www.wollebrandcross.nl.
zondag 8 juli 2012
Westland op z'n breedst - Duurzaamheid
Zoals u heeft gezien is Groot Westland de laatste tijd veranderd. Er is een nieuwe vormgeving, we zijn wat dikker geworden en ook is onze website www.groot-westland.nl al een paar weken online. Inhoudelijk ziet u een aantal nieuwe terugkerende rubrieken, zoals ‘Op de pijp met…’, de column van ‘Peet Kruit’ en nu ook ‘Westland op z’n breedst’. Aan mij, Joke Wageveld, de eer om ‘Westland op z’n breedst’ met regelmaat te publiceren. Omdat we genoeg kunnen bedenken waarin het Westland op z’n smalst naar voren komt, vonden we dat er maar eens wat meer positief nieuws moest komen. Vandaar dat ‘op z’n breedst’. Tenslotte zijn Westlanders niet voor een kleintje vervaard. We weten overal onze schouders onder te steken, werken hard en deinzen er niet voor terug om onze energie ook vol enthousiasme in vrijwilligerswerk te steken. U zal dan ook voornamelijk onderwerpen lezen in deze rubriek/column die betrekking hebben op het Westland in de breedste zin van het woord. Een enorme diversiteit zal hier de revue passeren. Columns, vrijwilligerswerk, verenigingsleven, tuinbouw, kunst noem maar op. Om te beginnen een onderwerp dat te maken heeft met tuinbouw, onze grootste pijler in het Westland.
Wat mij deze week heeft verrast, is het mini-congres bij Tomatoworld in Honselersdijk. In dit geweldig mooie gebouw presenteerden twee studenten van het HAS Den Bosch hun afstudeerscriptie. De scriptie droeg de titel ‘Duurzaamheid door de ogen van de consument’ en was gericht op de glastuinbouw. Maikel Hendrickx en Frederique Sonneveld verrichtten een grootschalig onderzoek binnen Nederland naar de verduurzaming in de glastuinbouw door de ogen van de consument. Nu zou je toch denken dat de consument wel weet waar ‘duurzaamheid’ over gaat. Maar nee – en dat was de eerste verrassing - de consument blijkt daar niet goed van op de hoogte te zijn. Duurzaamheid heeft te maken met eerlijke handel, mensenrechten, milieuvriendelijkheid, hernieuwbare energie, dierenrechten en kringloop. De Nederlandse consument verwart duurzaamheid echter met ‘biologisch’. En dat heeft nu juist weer te maken met teelten waar geen of zo min mogelijk chemische middelen aan te pas komen. Als een product biologisch is geteeld, kan het een certificering op de verpakking krijgen. Een dergelijke certificering is er niet voor een duurzame teelt. En dat was voor mij verrassing nummer twee. Ik moet toegeven dat ik er zelf niet vaak bij stilsta en voor het gemak de termen ‘duurzaamheid’ en ‘biologisch’ ook nog wel eens door elkaar haal, als ik mijn tomaten koop.
Als u nu denkt dat dit de enige verrassingen waren die uit het onderzoek kwamen, dan vergist u zich. De studenten onderzochten namelijk ook wat de consument nu eigenlijk wilde. Daarnaast keken ze of de Westlandse tuinders hun teelten richten op de wens van de consument. Tenslotte worden daar de producten aan verkocht. En daar kwam verrassing nummer drie: de consument vindt duurzaam geteelde producten veel minder belangrijk dan de smaak, gezondheid, kwaliteit en de prijs. Doen tuinders, adviesbureaus of belangenverenigingen hier onderzoek naar? Verrassing nummer vier: nee! Is er dan geen communicatie van de klant richting tuinders en vice versa? Jawel, die is er wel, maar die loopt tegen een muur aan bij de handelshuizen. Tuinders communiceren met de handelshuizen en klanten doen dat ook, maar de handelshuizen doen hier niets mee. Communicatie is hier eenrichtingsverkeer dat stuit op de muur van de handelshuizen. Zo stapelden de verrassingen zich op tijdens de presentatie van Maikel en Frederique. Het feit dat die communicatie er heel vroeger wel was, toen mensen nog rechtstreeks bij de teler kochten, geeft te denken.
Nu doet zich natuurlijk de vraag voor of het wel nuttig is als tuinders verder ontwikkelen in duurzame teelten. Volgens Maikel en Frederique heeft dat wel nut. Maar dan als bijzaak. Hoofdzaak is de klant te overtuigen van de goede smaak van producten, de gezondheid, kwaliteit en dat allemaal tegen een redelijke prijs. Tuinders hebben aldoor op kosten beknibbeld, maar de klant blijkt best bereid te zijn iets meer te betalen, zolang ie maar overtuigd is van een goed, gezond en smaakvol product. Verrassing nummer vijf.
Een bijkomend interessant gegeven is, dat ‘local for local’ handel het goed doet. U ziet vast wel de producten uit onze eigen streek in de supermarkt liggen. Klanten zijn hier blij mee en heel vaak bereid daar iets van te kopen. Zo ondersteunen ze de economie van hun eigen streek en ze voelen zich daar prettig bij. Kasboontjes, kasbloemkolen, tomaten, paprika’s, komkommers, radijsjes, zomaar een greep uit een keur van streekproducten die we in de supermarkt kunnen aanschaffen. Gezond? Ja, daar zijn wij Westlanders wel van overtuigd. De wilde paniek van consumenten rondom Ehec heeft Westlanders die hun gezonde verstand gebruiken niet echt geraakt. Helaas is door slechte voorlichting in het buitenland een ramp ontstaan voor onze tuinders waar zij nog niet bovenop zijn. Het onderzoek van Maikel en Frederique richtte zich echter slechts op Nederland. Begrijpelijk, want het zou anders een té groot onderzoeksgebied worden om in één afstudeerproject te benaderen. Hier ligt dus nog een schone taak voor de diverse tuinbouworganisaties. Ik ben erg benieuwd wie deze uitdaging met gezwinde spoed gaat oppakken. © Tekstbureau Westland
dinsdag 19 juni 2012
Wie is de grootste fan van het Varend Corso Westland?
Omdat het Varend Corso Westland dit jaar voor de 15e keer plaatsvindt, wil de organisatie de grootste fan van het Corso in het zonnetje zetten. Maarr…. Wie is dat dan wel?
Misschien bent u het wel! Volgt u het Varend Corso al vanaf het eerste uur? Gaat u er ieder jaar lekker voor zitten met buren, vrienden en familie? BBQ, biertje, wijntje en zonnebrandolie in de aanslag? Of doet u het wat ingetogener en nestelt u zich met de thermoskan in de berm langs het water?
Laat ons weten hoe u het Varend Corso ieder jaar bekijkt. De leukste inzending wordt beloond met een interview, inclusief foto gemaakt door onze fotograaf, dat geplaatst zal worden in de speciale Varend Corso Krant. Ook ontvangt u een uitnodiging voor de officiële opening en kunt u één van de Corsodagen met de boot van de organisatie meevaren om het allemaal eens van de andere kant te bekijken! Natuurlijk wordt er voor drankjes en hapjes gezorgd.
Het Varend Corso vindt plaats op 3, 4 en 5 augustus a.s. Het thema voor 2012 luidt ‘Meesterlijk Mooi’. Dat belooft opnieuw een uniek evenement te worden!
Stuur uw inzending naar redactie@groot-westland.nl. Vergeet niet uw naam en telefoonnummer te vermelden. Zowel teksten als foto’s dingen mee met deze wedstrijd. (JW)
zaterdag 24 maart 2012
Op bezoek bij… 'Werodass': Westlandse rolstoeldansgroep Samen Sterk
’s-Gravenzande - Voor de rubriek ‘Op bezoek bij…’ nam Mieke Borst van de Westlandse Rolstoeldansgroep Samens Sterk contact met ons op. Mieke is al 25 jaar lid van “Werodass” als vrijwilliger, die ‘achter’ de rolstoel meedanst. Zij geeft normaal gesproken geen les, alleen als de instructeur verhinderd is, dan vervangt zij haar. En dat doet zij sinds tweeënhalf jaar. De leden van Werodass komen wekelijks bijeen in De Brug aan de Kon.Julianaweg 69 in ’s-Gravenzande (achter ingang aan de v.d. Kest Wittensstraat). Mieke: ‘We dansen elke dinsdagmorgen van 10.00 - 11.30 uur. Er is een zomerstop in juli en augustus. Momenteel zijn er 10 rolstoelers lid van de groep. De rolstoelers en ook de vrijwlligers komen overal vandaan. We hebben zelfs een echtpaar uit Brunssum in Limburg. Zij waren al lid voordat ze verhuisd zijn. Verder komen de rolstoelers uit Leidschendam, Naaldwijk, Poeldijk, Wateringen en ’s-Gravenzande.’ We vroegen aan Mieke hoe het rolstoeldansen precies in z’n werk gaat. ‘Er wordt gedanst met twee rolstoelen naast elkaar met achter elke rolstoel een vrijwilliger,’ antwoordt Mieke. ‘Ook wordt er individueel gedanst, dus 1 rolstoel met 1 vrijwilliger. De dansers genieten van de muziek, sommigen bewegen mee met hun armen en er wordt ook meegezongen.’ Op welke muziek wordt er gedanst? Mieke: ‘Er wordt gedanst op verschillende soorten muziek. Daarop dansen we bijvoorbeeld de Engelse wals, de Rumba, maar we dansen ook wel op volksdansmuziek.’
Worden er ook wel eens gezellige rolstoeldansavondjes georganiseerd? ‘Nee,’ antwoordt Mieke. ‘ 's avonds zijn de mensen vaak te moe. We hebben wel op 18 februari jl. ons 25-jarig bestaan gevierd. Van 15.00 uur tot ongeveer 17.30 uur. Dat is lang genoeg voor de meesten. Wat we wel extra organiseren is een Nieuwjaarslunch. Ook hebben we een gezellig uitje aan het eind van het seizoen.’
Werodass heeft een trouwe groep leden, maar er kunnen er nog meer bij. Ook nieuwe vrijwilligers zijn van harte welkom. Verschillende leden zijn al 25 jaar lid. Ook sommige vrijwilligers dansen al zo lang. Het is een gezellige groep waar men zich snel thuisvoelt, aldus Mieke. De contributie bedraagt 10 euro per maand. Men zal er rekening mee moeten houden dat daar voor sommigen nog de kosten voor het vervoer bijkomen. Het lidmaatschap is niet aan een leeftijd verbonden. Er zijn nu leden tussen de 35 en 82 jaar. Wilt u meedoen of heeft u meer informatie nodig? Neem dan contact op met
Mieke Borst, tel. 0174-415793. (Joke Wageveld) © 2012 Tekstbureau Westland
Abonneren op:
Posts (Atom)









